Nog vier maanden aftellen naar de sociale verkiezingen

2024 is een verkiezingsjaar. Niet alleen in de politiek, maar ook op het werk. Al in mei 2024 kan je aanduiden wie jou de komende jaren zal vertegenwoordigen in het overleg met je werkgever. Of misschien wil je dat zelf wel? Je kan je je nog altijd kandidaat stellen…

Geert De Wortelaer leidt voor ACV Puls de sociale verkiezingen in goede banen en is dé specialist die alles wetenswaardigheden over de sociale verkiezingen in de vingers heeft. Hij weet ook als geen ander wat het betekent om personeelsvertegenwoordiger te zijn en hoe ze het leven op de werkvloer een stuk aangenamer maken. Want In bedrijven mét vakbonden zijn de loon- en arbeidsvoorwaarden beter dan waar er geen overleg is, blijkt uit onderzoek. Reden te meer om misschien ook zelf te stap te zetten?

De Wortelaer: “Bij de vierjaarlijkse sociale verkiezingen kiezen personeelsleden wie hen zal vertegenwoordigen in het overleg. In de privésector voorziet de wet in bedrijven in instellingen vanaf 50 werknemers een comité voor preventie en bescherming op het werk (CPBW) en vanaf 100 werknemers een ondernemingsraad (OR). In die overlegorganen gaan de verkozen werknemersvertegenwoordigers elke maand in dialoog met hun werkgever over bijvoorbeeld de economische en financiële situatie van de onderneming (OR) en veilige werkomstandigheden (CPBW). Daarnaast is er soms een vakbondsafvaardiging (VA). Die vakbondsafgevaardigden onderhandelen over de loon- en arbeidsvoorwaarden en verlenen individuele bijstand aan collega’s.”

Wat met bedrijven met minder dan 50 werknemers?

De Wortelaer: “Daar is helaas geen georganiseerd overleg. Dat betekent concreet dat het personeel daar vaak minder goede arbeidsvoorwaarden heeft. We proberen al jaren om ook daar overleg te organiseren, maar dat is niet eenvoudig. Gelukkig maken we in de sectoren ook afspraken die gelden in alle bedrijven van een sector, ongeacht het aantal werknemers in een bedrijf.”

De sociale verkiezingen zijn dus heel belangrijk.

De Wortelaer: “Dat kan ik niet genoeg benadrukken! Ik roep iedereen in bedrijven met sociale verkiezingen op om in mei te gaan stemmen. Sterke vakbonden zorgen voor sterke akkoorden.”

 

“Het is een eer om je collega’s te mogen vertegenwoordigen”

 

Wat moet je doen als je kandidaat wil zijn?

De Wortelaer: “Als je samen met ons de dingen willen verbeteren in je bedrijf, mag je je altijd aanmelden bij de personeelsvertegenwoordigers van het ACV in je bedrijf. Als je engagement matcht met het ACV, kan je mee op de lijst. Op de verkiezingsdag kunnen alle werknemers van het bedrijf dan stemmen voor de kandidaten die hun voorkeur genieten. Wie verkozen wordt, vertegenwoordigt vanaf dan maandelijks zijn of haar collega’s in de OR en/of CPBW. Als er ook een VA wordt opgericht, dan kan je ook daar eventueel je tanden inzetten en met de werkgever onderhandelen over bijvoorbeeld een koopkrachtpremie, maaltijdcheques, een fietsvergoeding, enzovoort. Zonder vakbondsvertegenwoordigers, zouden veel meer werknemers de koopkrachtpremie niet gekregen hebben.”

Wat verwacht het ACV van personeelsvertegenwoordigers?

De Wortelaer: “Dat ze hun collega’s op een goede, constructieve manier bijstaan én vertegenwoordigen. Ze moeten de spreekbuis zijn van hun collega’s. We willen een zo getrouw mogelijke afspiegeling zijn van het personeel. De ideale personeelsvertegenwoordiger bestaat niet. Het is in groep dat we het verschil maken.”

Hoe ondersteunt het ACV personeelsvertegenwoordigers?

De Wortelaer: “Een hele groep ACV-experten biedt via vorming en opleiding deskundige begeleiding aan. Daar leer je sterk onderhandelen, communiceren met je achterban en nog veel meer. Tijdens vormingsdagen kom je ook veel collega-afgevaardigden tegen uit andere bedrijven en sectoren, met wie je ideeën kan uitwisselen en netwerken uitbouwen. En met al je vragen kan je rechtstreeks terecht bij de vakbondssecretaris van ACV Puls die je bedrijf opvolgt.”

Het lijkt me heel wat werk. Komt dat bovenop hun eigenlijke job?

De Wortelaer: “De vergaderingen van de OR en het CPBW vallen binnen de arbeidsuren. Maar vakbondswerk vraagt inderdaad een extra inspanning. Gelukkig zijn er altijd wel mensen te vinden die gedreven zijn om hun collega’s te mogen vertegenwoordigen. Ze zetten graag dingen in beweging om zo bij te dragen aan collectieve vooruitgang. Vakbondswerk vraagt dus wel wat engagement. Maar als je daar niet bang van bent, krijg je er ook veel voor terug. En uiteraard is sociaal overleg lang niet altijd een gevecht tussen werkgever en werknemers, zoals het in de media wel eens wordt voorgesteld. Laat je daar dus niet door afschrikken. In de meeste bedrijven is er een gezonde samenwerking op basis van wederzijds respect. Onderhandelde oplossingen zijn beter dan conflictsituaties. Dat beseffen ook werkgevers. Een correcte, open dialoog is een win-win voor iedereen.”

Meer weten over de sociale verkiezingen? Of interesse om zelf op te komen? Je leest er alles over op www.hetacv.be/socialeverkiezingen

Auteur: Tom Van Aken